Procedure

De procedure ziet er in grote lijnen als volgt uit:

  1. Aanmelding bij het ministerie van justitie
    Via de website van de Stichting Adoptievoorzieningen kun je een aanmeldingsformulier voor de adoptie van een buitenlands kind aanvragen. Zodra Adoptievoorzieningen je aanmelding heeft ontvangen, krijg je een schriftelijke bevestiging en een zogenaamd BKA-nummer (Buitenlands Kind ter Adoptie). Dit BKA-nummer bepaalt wanneer je aan de beurt bent voor de verplichte voorlichting en/of het gezinsonderzoek.
  2. Voorlichting
    Een adoptiekind heeft bij aankomst in Nederland al een heel verleden achter zich. Vaak is daar zeer weinig tot niets over bekend. Een adoptiekind kan daardoor gedrag vertonen dat niet altijd even makkelijk te begrijpen is. Om aspirant-adoptieouders zo goed mogelijk op de komst van hun kind voor te bereiden, heeft het ministerie van justitie bepaald dat adoptie-aanvragers zes voorlichtingsbijeenkomsten moeten bijwonen. De wachttijd voor deze zogenaamde VIA-bijeenkomsten (VIA = Voorlichting Interlandelijke Adoptie) bedraagt vanaf aanmelding bij Adoptievoorzieningen gemiddeld ruim een jaar. De zes voorlichtingsbijeenkomsten zijn verspreid over een periode van drie maanden. Vanaf aanmelding voor adoptie duurt het dus al gauw anderhalf jaar voordat er ueberhaupt iets is gebeurd!
  3. Medische keuring
    Kort voor aanvang van het gezinsonderzoek vraagt de Raad voor de Kinderbescherming om een gezondheidsverklaring. Beide partners moeten zich daartoe medisch laten keuren door een arts die niet de eigen huisarts is.
  4. Gezinsonderzoek
    De Raad voor de Kinderbescherming start in het eerste of tweede kwartaal na afronding van de voorlichting een gezinsonderzoek om vast te stellen of je geschikt bent om een kind uit het buitenland op te nemen en op te voeden. Uitgangspunt is een 'ja, tenzij...'. Een aanvraag levert normaal gesproken dus altijd een beginseltoestemming op, tenzij de raadsmedewerker van mening is dat opname van een adoptiekind in het gezin te veel risico's heeft. Dat is bijvoorbeeld het geval als één van beide partners liever niet wil adopteren, als de (huwelijks)relatie onvoldoende stabiel is, als de ongewenste kinderloosheid onvoldoende verwerkt is of bij een levensbedreigende ziekte of ernstige psychische problemen.
  5. Beginseltoestemming
    Het onderzoeksrapport met het advies van de Raad voor de Kinderbescherming wordt opgestuurd naar het ministerie van justitie. Een ambtenaar van dit ministerie zal aan de hand van het rapport een beslissing nemen. Na goedkeuring volgt de zogenaamde beginseltoestemming. Dat betekent dat de minister van justitie in beginsel geen bezwaar heeft tegen opname van een buitenlands adoptiekind in je gezin.
    De beginseltoestemming biedt overigens geen enkele garantie dat je daadwerkelijk een kind kunt adopteren. Dat hangt namelijk nauw samen met de voorwaarden en wensen die adoptiebemiddelaars en adoptielanden aan je stellen.
    De beginseltoestemming is drie jaar geldig voor de opname van één kind. Voor opname van twee of meer kinderen tegelijk is een aangepaste beginseltoestemming vereist.
  6. Aanmelding bij vergunninghouder
    Met de beginseltoestemming op zak is het mogelijk om je voor bemiddeling aan te melden bij een bemiddelaar (vergunninghouder). De meeste aspirant-adoptieouders kiezen voor deze weg, omdat 'zelf doen' zo mogelijk nog meer geduld en doorzettingsvermogen vergt. Bij de meeste vergunninghouders krijg je vervolgens een wachtlijstnummer. Dit nummer bepaalt wanneer je aan de beurt bent voor het starten van een procedure in het adoptieland van je keuze. Er zijn landen waarvoor slechts één vergunninghouder bemiddelt. Andere landen hebben contacten met meerdere Nederlandse bemiddelaars. De wachttijd per land verschilt enorm.
  7. Voorstel
    Afhankelijk van adoptieland, vergunninghouder, je bemiddelingsmogelijkheden en je persoonlijke voorkeuren ten aanzien van leeftijd en medische risico's van het kind kan het na inschrijving bij de bemiddelaar nog zo'n één tot soms wel twee of drie jaar duren voordat je een voorstel voor een kind krijgt. Na acceptatie van het voorstel moeten de laatste formaliteiten worden geregeld, zowel in Nederland als in het land waar het kind vandaan komt. Dit vergt soms veel tijd.
  8. Ontmoeting
    Zo'n 3 tot 5 jaar na inschrijving bij justitie is het dan eindelijk zo ver. Het lange, lange wachten, wordt eindelijk beloond met de ontmoeting van je kind. Die ontmoeting vindt overigens niet altijd plaats in het land waar het kind vandaan komt. Het afreizen naar het land van herkomst is soms niet toegestaan. In dat geval wordt het kind door medewerkers van het bemiddelingsbureau opgehaald. De ontmoeting met de ouders vindt dan plaats op Schiphol.
  9. Adoptie naar Nederlands recht
    Een jaar na aankomst in het gezin kan het kind naar Nederlands recht worden geadopteerd. Tot die tijd draagt het kind officieel nog de achternaam van de biologische ouders. Alleenstaande adoptieouders moeten drie jaar wachten voordat hun kind officieel hun achternaam krijgt.